Je staat bij kilometer 30, met een bord en koude handen. Ben je te vroeg, dan sta je een uur te wachten. Ben je te laat, dan heb je je loper gemist. Met drie getallen weet je vooraf ongeveer hoe laat je loper bij jou is, en met een paar vuistregels weet je hoe ruim je moet plannen.
De som
Je hebt nodig: het tempo van je loper (minuten per kilometer), de kilometer waar jij staat en het moment dat je loper over de startmat gaat.
Tijd tot jouw plek = tempo x kilometer. Loopt je loper 5:30 per kilometer en sta je bij kilometer 30, dan is dat 5,5 x 30 = 165 minuten, dus 2 uur en 45 minuten na de startmat. Gaat je loper om 9:40 over de mat, dan is die rond 12:25 bij jou.
Weet je alleen de doeltijd? Deel die door de afstand. Een marathon in 4 uur is 240 minuten gedeeld door 42,2 km, ruim 5:41 per kilometer.
Aflezen in één tabel
Hoe lang na de startmat je loper waar is, bij een gelijk tempo:
| Tempo per km | km 10 | km 21,1 | km 30 | km 40 | Finish |
|---|---|---|---|---|---|
| 4:30 | 0:45 | 1:35 | 2:15 | 3:00 | 3:10 |
| 5:00 | 0:50 | 1:45 | 2:30 | 3:20 | 3:31 |
| 5:30 | 0:55 | 1:56 | 2:45 | 3:40 | 3:52 |
| 6:00 | 1:00 | 2:07 | 3:00 | 4:00 | 4:13 |
| 6:30 | 1:05 | 2:17 | 3:15 | 4:20 | 4:34 |
Reken vanaf de startmat, niet vanaf het startschot.
Het startvak telt mee
Bij grote wedstrijden starten de lopers in startvakken, en die gaan na elkaar weg. Wie achteraan staat, is soms pas een flink stuk na het startschot over de startmat. Vraag je loper daarom niet alleen hoe laat de race begint, maar hoe laat het eigen startvak vertrekt, en tel er een paar minuten bij voor het lopen naar de mat.
Waarom het later wordt
De tabel gaat uit van een gelijk tempo van start tot finish. In het echt loopt bijna niemand zo.
- De tweede helft is vaak langzamer. Zeker op een marathon zakt het tempo na een kilometer of 30 bij veel lopers in. Sta je daar, plan dan ruimer.
- Drinkposten en drukte kosten tijd. In de eerste kilometers is het vol, en bij elke drinkpost gaat het even langzamer.
- Het horloge meet meer dan het parcours. Loopt je loper op het horloge 5:30, dan is het tempo op het parcours vaak iets langzamer, omdat gps meestal een stukje te veel meet. Daarover lees je meer in Chiptijd of gps.
Een vuistregel: wees op je plek een kwartier voor de tijd uit de tabel, en na kilometer 30 nog wat eerder.
Live in plaats van vooraf
Vooraf rekenen is een goede start, maar op de dag zelf wil je weten hoe het nu gaat. Daarvoor heb je een live spoor nodig. In Racespot tik je op de plek waar je staat, en dan zie je wanneer je loper daar ongeveer is, op basis van het tempo tot nu toe. Loopt je loper sneller of langzamer, dan schuift die tijd mee.
Bij de halve marathon van Eindhoven merkten we dat de afstand op de telefoon ruim 3% hoger uitkwam dan op het parcours. Daarom rekent Racespot de aankomst uit met de plek op het parcours zelf, niet met de opgetelde gps-afstand.
